My Liantis

Sociaal statuut 19 oktober 2020

Verplichte sluiting of vrijwillige onderbreking? Dit betekent het voor het overbruggingsrecht

Om de heropflakkering van het coronavirus aan te pakken, moet de overheid soms drastische maatregelen nemen. Een aantal activiteiten zijn al sinds de start van de coronacrisis verboden, maar afhankelijk van de situatie worden de maatregelen telkens bijgestuurd. Ook de lokale overheden kunnen bijkomende maatregelen treffen.

Verplichte sluiting = overbruggingsrecht

Is jouw activiteit of een deel van jouw activiteiten volgens het ministerieel besluit of door een lokale sluitingsmaatregel verboden, dan ben je rechtstreeks verplicht te sluiten. Daarom heb je voor elke maand met minstens één dag verplichte sluiting recht op de overbruggingsuitkeringDancings en discotheken zijn hier een voorbeeld van.

Recepties en banketten (behalve koffietafels bij uitvaarten) zijn verboden. Evenementen met publiek met meer dan 200 (binnen) of 400 personen (buiten) zijn ook nog steeds verboden. Voor professionele sportwedstrijden geldt voor zowel binnen als buiten een maximum van 200 personen. Niet-professionele sportwedstrijden mogen enkel bijgewoond worden door gezinsleden (van hetzelfde huishouden) en binnenactiviteiten zonder protocol worden beperkt tot maximaal 40 personen. Ook de bubbelregels zijn verstrengd. Zelfstandigen uit de eventsector (in brede zin) en zelfstandige artiesten hebben daarom automatisch recht op de overbruggingsuitkering.

De gemeente kan kleine kermissen en markten toelaten. Jaarmarkten, brocantemarkten, rommelmarkten, kerstmarkten en winterdorpen zijn sinds 19 oktober echter verboden.

Nachtwinkels mogen enkel openen tussen 18 uur en 22 uur. Shishabars moeten sinds 19 oktober voor een maand volledig dicht. Beiden hebben vanaf juli en tot zolang de beperking voortduurt dus recht op overbruggingsrecht wegens een verplichte sluiting.

Cafés en restaurants (behalve grootkeukens voor verblijf-, school-, leef- en werkgemeenschappen) moeten sinds 19 oktober een volledige maand (tot en met 19 november) opnieuw de deuren sluiten. Beiden hebben voor de maanden oktober en november dus recht op overbruggingsrecht wegens een verplichte sluiting.

Ook lokale en provinciale maatregelen hebben een steeds grotere impact. Zo werd vroeger al aangekondigd dat zelfstandigen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die een drankgelegenheid uitbaten (cafés, bars, tapgelegenheden, theehuizen, cafetaria's, sportkantines …) automatisch recht hebben op het overbruggingsrecht wegens verplichte sluiting voor oktober en november.

Is jouw onderneming afhankelijk van bedrijven of sectoren die verplicht gesloten zijn? Dan kan je als toeleverancier ook in aanmerking komen voor het corona-overbruggingsrecht wegens verplichte sluiting. Lever je als traiteur bijvoorbeeld ook aan grote feesten of evenementen, dan is een deel van jouw activiteiten verboden, waardoor je recht hebt op de overbruggingsuitkering.

Wat met beperkingen door social distancing en beslissingen van het crisiscentrum?

Beperkingen of sluitingen van ondernemingen die enkel en alleen het gevolg zijn van de regels rond social distancing geven géén recht op de overbruggingsuitkering. Ook de beperkingen opgelegd door het crisiscentrum kunnen niet als rechtstreekse verplichte sluitingen worden beschouwd. Moet je vandaag op afspraak werken, het aantal klanten beperken of vroeger sluiten? Dan heb je niet automatisch recht op de overbruggingsuitkering wegens verplichte sluiting.

Onderbrekingen uit eigen beweging

Verbiedt het ministerieel besluit of de lokale overheid jouw activiteit niet rechtstreeks, maar was je indirect toch gedwongen om je activiteiten voor minstens zeven opeenvolgende kalenderdagen te onderbreken in een bepaalde maand? Dan kwam je tot 31 augustus in aanmerking voor een crisis-overbruggingsuitkering. Vanaf september kan je mogelijk terugvallen op het ‘gewone’ overbruggingsrecht.