My Liantis

Personeelsbeleid 02 oktober 2018

De outplacementregeling: nieuwigheden en toekomstmuziek

Sinds de 6e staatshervorming zijn de Gewesten bevoegd voor enkele aspecten van de outplacementregeling. Aan de regeling zelf zijn ook heel wat veranderingen aangebracht. Bovendien staan er ook in de toekomst nog aanpassingen gepland, al is het nog onduidelijk wanneer deze precies in werking treden.

Zieke werknemer

Wanneer een werknemer medisch ongeschikt is om outplacement te volgen, moet zijn werkgever dit sinds 1 januari 2018 niet meer aanbieden. Hiervoor moet de werknemer wel een attest van medische ongeschiktheid overhandigen, waarna zijn recht op outplacement dus vervalt en hij zijn volledige opzeggingsvergoeding behoudt.

Deze vrijstelling van outplacement geldt enkel in de ‘algemene regeling’.

Toekomst

In de jobsdeal van deze zomer staat dat de werkgever ook outplacement moet aanbieden aan werknemers van wie de arbeidsovereenkomst omwille van medische overmacht eindigt, maar die wel nog in staat zijn om in een andere job te werken.

Aanbod na verzoek door werknemer

In de ‘bijzondere regeling 45-plus’ moet een werkgever niet op eigen initiatief een outplacementbegeleiding aanbieden aan:

  • werknemers met een lagere tewerkstelling dan halftijds;
  • werknemers die, indien zij volledig uitkeringsgerechtigd werkloos zouden worden na het einde van de opzeggingstermijn of de periode gedekt door een opzeggingsvergoeding, niet beschikbaar moeten zijn voor de arbeidsmarkt.

Wanneer de werknemer er uitdrukkelijk om vraagt, moet de werkgever hem wel een outplacementbegeleiding aanbieden.

Toekomst

Een wetsontwerp rond diverse arbeidsrechtelijke bepalingen bepaalt dat de werkgever geen outplacement meer moet aanbieden aan werknemers die niet meer beschikbaar moeten zijn voor de arbeidsmarkt (o.a. SWT’ers). Zij kunnen er ook niet zelf om vragen.

Outplacement in het kader van een herstructurering

Wanneer de outplacementbegeleiding georganiseerd wordt door een tewerkstellingscel, opgericht in het kader van het activerend beleid bij herstructureringen, moet het aanbod goedgekeurd worden. Sinds de zesde staatshervorming gebeurt de goedkeuring door het bevoegde gewest.

Financiële tegemoetkoming van het Sociaal Interventiefonds voor een onderneming met moeilijkheden

In Vlaanderen kan een werkgever die de outplacementbegeleiding niet zelf kan betalen, onder bepaalde voorwaarden een beroep doen op het Sociaal Interventiefonds van de VDAB. Ontdek hier de geldende bedragen.

Toekomst

De VDAB keurde een voorstel goed die de tussenkomst in de outplacementkost zal beperken. De maximumbedragen worden teruggebracht naar 900 euro voor werknemers ouder dan 45 jaar en tot 450 euro voor werknemers tot 45 jaar.

Bovendien kan het enkel nog voor bedrijven waarvan de technische bedrijfseenheid blijft bestaan met tewerkstelling in Vlaanderen. De voorwaarden ‘minstens 30 uren outplacement hebben gevolgd’ en ‘minstens 120 dagen verbonden zijn door één of meerdere arbeidsovereenkomsten’ worden geschrapt.