My Liantis

Voltijds werken

Aan voltijds werken kleven regels voor overuren, inhaalrust en het maximaal aantal uren dat een medewerker mag werken. Liantis vertelt je wat je als werkgever moet weten over fulltime werken.

Wat is voltijds werk?

Werkt een medewerker een maximum aantal uren per week, dan is er sprake van een voltijdse arbeidsovereenkomst. Dat maximum verschilt naargelang de sector, maar over het algemeen komt dit neer op 8 uur per dag en 40 uur per week.

De precieze arbeidsduur kan je terugvinden in de sectorale cao waar jouw onderneming onder valt. Daarin staat ook of een werkweek uit 5 of 6 dagen per week bestaat. Enkel wanneer aan specifieke voorwaarden voldaan is, mag je deze maximale arbeidsduur overschrijden.

Hoeveel uren mag een voltijdse medewerker werken?

Een voltijdse medewerker mag maximaal 8 uur per dag en 40 uur per week werken (gemiddeld 38 uur per week op jaarbasis). Een normale werkweek kent daarmee 38 uren. Kies je als werkgever voor een 40-urige werkweek, dan moet je dit compenseren met 12 extra inhaalrustdagen om op jaarbasis toch weer op 38 uren te komen.

In sommige sectoren mag er langer gewerkt worden. Meerderjarige medewerkers mogen dan maximaal 11 uren per dag en 50 uren per week werken. Minderjarige werknemers (minimum 15 jaar en niet meer onderworpen aan de voltijdse leerplicht) mogen in geen geval meer dan 10 uren per dag en 50 uren per week werken.

Je mag je medewerkers vragen de maximale arbeidsduur te overschrijden:

  • op juridische basis, in situaties van buitengewone vermeerdering van werk en onvoorziene noodzakelijkheid.
  • in het kader van het systeem van kleine flexibiliteit.
  • in het kader van de regeling omtrent vrijwillige overuren.

Wat als een werknemer meer dan de voorziene uren werkt?

Heeft je medewerker een aantal weken of maanden méér dan voltijds gewerkt? Bijvoorbeeld in het kader van het systeem van kleine flexibiliteit of overuren op juridische basis. In alle gevallen geldt dat de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur 38 uur moet bedragen op basis van een referteperiode van één jaar.

Werkt een medewerker op bepaalde momenten meer, dan moet hij inhaalrust opnemen om aan het gemiddelde van 38 uren te komen. Een interne grens voor overuren voorkomt dat de medewerkers tijdens de referteperiode teveel extra uren presteren.

Kleine flexibiliteit

Bij heel wat werkgevers wisselen drukke en minder drukke periodes elkaar af. Het systeem van kleine flexibiliteit biedt je de mogelijkheid om hierop in te spelen door de medewerkers meer of minder dan 8 uur per dag en 40 uur per week te laten werken. In piekperiodes betaal je dan geen overloon. Dit mag zolang je via ‘dalroosters’ die drukke periodes compenseert en zo de gemiddelde arbeidsduur van 38 uur per week respecteert over een referteperiode van 12 maanden.

Binnen de regeling omtrent kleine flexibiliteit mag je over het algemeen medewerkers maximaal 2 uur boven of onder het standaard uurrooster laten werken. Hierbij geldt een maximum van 9 uur per dag. Voor sommige sectoren is dit bij cao beperkt tot 1 uur boven het standaard uurrooster. Werk je met een standaard weekrooster, dan mag je je medewerkers daar maximaal 5 uur boven of onder laten werken, met een maximum van 45 uur per week.

Voorbeeld Een belangrijke jaarlijkse reisbeurs staat traditioneel garant voor extra drukte in een reisbureau. Zaakvoerder Frank kiest ervoor om via het systeem van kleine flexibiliteit deze drukte op te vangen. Standaard werken de medewerkers van Frank 7u36 per dag. In de periode voorafgaand aan en tijdens de beurs voert Frank een piekrooster in. Zijn medewerkers werken dagelijks 1u24 langer (om de daggrens van 9 uren niet te overschrijden). Eenmaal de drukte is weggeëbd, voert Frank een dalrooster in. Nu mogen zijn medewerkers werkdagen van minimaal 5u36 presteren. Op jaarbasis waakt Frank erover dat dit resulteert in een gemiddelde van 7u36 per dag.

Inhaalrust

De interne grens zorgt ervoor dat medewerkers maar een beperkt aantal overuren mogen presteren bovenop de normale arbeidsduur. Eenmaal deze grens bereikt is, moeten medewerkers inhaalrust toegekend krijgen vooraleer ze nieuwe overuren mogen presteren.

Deze interne grens bedraagt 143 uren. Het is mogelijk om deze grens verder op te trekken via een algemeen verbindend verklaarde sectorale cao.

Overuren

Sinds het ontstaan van de Arbeidswet kan je medewerkers enkel overuren laten presteren als daar een juridische basis voor is en onder strikte voorwaarden. Een voorbeeld hiervan zijn overuren in situaties van buitengewone vermeerdering van werk en onvoorziene noodzakelijkheid.

Sinds 1 februari 2017 kan je een medewerker vragen of hij op vrijwillige basis maximaal 100 overuren per kalenderjaar wil presteren. Je hoeft dit overwerk niet specifiek te motiveren. Het akkoord van de medewerker om op vrijwillige basis overuren te presteren, moet blijken uit een individuele schriftelijke overeenkomst die je vooraf moet opstellen. Deze overeenkomst is 6 maanden geldig, maar mag je onbeperkt vernieuwen.

Bij een algemeen bindend verklaarde sectorale cao kan afgeweken worden van dit schriftelijk akkoord als voorwaarde. Daarin kan ook het maximum van 100 overuren worden opgetrokken tot 360 overuren per kalenderjaar.

Overloon

Voor deze overuren ontvangt de werknemer overloon volgens de gewone regels (150% of 200%). Deze overuren moeten niet worden ingehaald. De eerste 25 (of 60 indien verhoogd bij sectorale cao) vrijwillige overuren tellen niet mee voor de berekening van de interne grens.

Voor vrijwillige overuren geldt dat een medewerker niet meer dan 11 uur per dag en 50 uur per week mag werken.

Neem je binnenkort een nieuwe werknemer in dienst? Wij helpen je graag bij de opmaak van de arbeidsovereenkomst!

Lees meer