My Liantis

Sociaal statuut 13 december 2018

Hervorming vrijstelling van sociale bijdragen

Vanaf 1 januari 2019 is het RSVZ (Rijksinstituut voor Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen) bevoegd voor de vrijstelling van sociale bijdragen in plaats van de FOD Sociale Zekerheid. Deze bevoegdheidsoverdracht kadert in een hervorming die de procedure voor het toekennen van de vrijstelling van sociale bijdragen versnelt. Daarnaast hanteert de RSVZ een nieuw criterium voor deze toekenning.

Bevoegdheidsoverdracht

Met deze bevoegdheidsoverdracht wil de overheid situaties centraliseren van zelfstandigen die moeilijkheden hebben om hun sociale bijdragen te betalen. Het RSVZ was immers voordien al bevoegd om een kwijtschelding van verhogingen te verlenen.

Bovendien zal de procedure versnellen: het RSVZ gaf aan dat zij binnen een maand na de aanvraag tot vrijstelling van sociale bijdragen een beslissing wil nemen. Daarnaast wordt er binnen het RSVZ een beroepscommissie opgericht dat een beroep ten gronde mogelijk maakt.

Nieuw criterium

Het nieuwe criterium dat het RSVZ hanteert voor de toekenning van de vrijstelling betreft “het zich bevinden in een tijdelijke moeilijke financiële en economische situatie” en vervangt het oude “zich in staat van behoefte bevinden of zich in een situatie bevinden die deze toestand benadert”.

Hierbij zal het RSVZ nagaan of de situatie waarin de zelfstandige zich bevindt van tijdelijke aard is. Daarnaast bekijkt ze ook beroepsinkomsten en -lasten van de zelfstandige en die van de onderneming. Ze houdt geen rekening meer met de gezinssituatie.

Andere belangrijke wijzigingen

Vanaf 1 januari 2019 zal het voor vennootschappen niet langer mogelijk zijn om een aanvraag tot ontheffing van de solidaire aansprakelijkheid in te dienen. Vennootschappen die solidair aansprakelijk zijn voor de sociale bijdragen van hun mandatarissen en werkende vennoten konden tot voor kort een afzonderlijke aanvraag tot ontheffing van hun solidaire aansprakelijkheid indienen. Vanaf dezelfde datum zal het RSVZ, wanneer de zelfstandige een vrijstelling van zijn sociale bijdragen vraagt, de situatie van de vennootschap(pen) bekijken. Wanneer het RSVZ uiteindelijk een vrijstelling aan de zelfstandige toekent, zal de vennootschap eveneens van haar solidaire aansprakelijkheid ontheven worden. Daarentegen blijf het wel nog steeds mogelijk voor de geholpen zelfstandige om een ontheffing van de solidaire aansprakelijkheid aan te vragen voor de verschuldigde bijdragen van zijn helper.

Daarnaast zal het vanaf 1 januari 2019 opnieuw mogelijk zijn om een afzonderlijke aanvraag in te dienen voor de regularisatiebijdragen. Door de bijdragehervorming van 2015 werd deze mogelijkheid afgeschaft en was het enkel maar mogelijk om een aanvraag in te dienen voor de voorlopige bijdragen, die dan bij toekenning uitgebreid werd naar de regularisatiebijdragen. De toekenning was ook steeds voorwaardelijk. Wanneer bij regularisatie bleek dat het inkomen een bepaalde drempel overschreed, werd de vrijstelling geannuleerd en waren de sociale bijdragen vermeerderd met verhogingen alsnog verschuldigd.

Tot slot wil het RSVZ het belang van een verminderingsaanvraag van voorlopige bijdragen benadrukken. Zo gaf het instituut aan dat wanneer een zelfstandige geen zo’n aanvraag indient alvorens een vrijstelling aan te vragen, de kans reëel is dat ze de vrijstelling niet zal toekennen.