My Liantis

Pensioen zelfstandige berekenen: welk bedrag krijgt een zelfstandige?

Welk pensioenbedrag krijg je straks als zelfstandige en hoe wordt je pensioen berekend? Op welke leeftijd mag je eigenlijk met pensioen en hoe zit het met minimumpensioen en proportioneel pensioen? Liantis beantwoordt al je pensioenvragen.

Hoe wordt het pensioen berekend?

Je pensioen wordt berekend op basis van je beroepsloopbaan, je beroepsinkomsten en de betaalde sociale bijdragen. Ook je gezinssituatie speelt een rol in de berekening: ben je gehuwd, dan kan je aanspraak maken op een gezinspensioen, ben je ongehuwd dan krijg je een pensioen als alleenstaande.

Je krijgt een proportioneel pensioen (gebaseerd op wat je daadwerkelijk bijeen gespaard hebt) of een minimumpensioen. De pensioendiensten rekenen uit welke vorm van pensioen voor jou het voordeligst is.

Proportioneel pensioen

Een proportioneel pensioen kan je berekenen door per gewerkt jaar een opbrengst te berekenen. De opbrengst van één kwartaal als zelfstandige is gelijk aan het resultaat van de volgende formule:

  1. Het netto inkomen waarop je sociale bijdrage berekend werd
  2. x een coëfficiënt die de index weergeeft
  3. x 0,25/45
  4. x 60% (pensioen als alleenstaande) of x 75% (gezinspensioen)

Minimumpensioen zelfstandige

Elke zelfstandige die minstens 30 jaar werkte, heeft recht op een gewaarborgd minimumpensioen.

Werkte je 45 jaar voor je met pensioen gaat, dan heb je recht op een maandelijks gewaarborgd minimumpensioen van 1.266,37 euro (alleenstaande) of 1.582,46 euro (minimumgezinspensioen).

Wie geen loopbaan van 45 jaar heeft, ontvangt een minimumpensioen in functie van de effectief gewerkte jaren. Dit minimumpensioen bereken je door het basisbedrag – 1.266,37 euro voor alleenstaanden en 1.582,46 euro voor gehuwden – te vermenigvuldigen met het aantal gewerkte jaren en te delen door 45. Hoe langer je werkt, hoe hoger je pensioen dus. 

Voorbeeld François en Aline zijn een tweeling. Beiden hebben ze er een carrière als zelfstandige opzitten. Voor François duurde die carrière 35 jaar, terwijl Aline 40 jaar als zelfstandige werkte. Ze gaan op dezelfde dag met pensioen, maar hebben elk recht op een verschillend minimumpensioen. Als alleenstaande heeft François maandelijks recht op een minimumpensioen van 984,95 euro: (1.266,37 x 35)/45. Aline is gehuwd en heeft twee kinderen. Zij heeft recht op een minimum gezinspensioen van 1.406,63 euro: (€ 1.582,46 x 40)/45.
Wettelijk pensioen zelfstandige

Ontvang je een minimumpensioen als zelfstandige, dan mag je totale pensioen (als zelfstandige en werknemer samen) nooit meer bedragen dan het basisbedrag van het minimumpensioen. Stel dat een proportioneel pensioen door deze plafonnering voordeliger zou zijn, dan krijg je dat toegekend.

Pensioengerechtigde leeftijd zelfstandige

Je kan in elk geval op de wettelijke pensioenleeftijd (65 jaar, 66 jaar vanaf 2025 en 67 jaar vanaf 2030) met pensioen gaan.

Vervroegd pensioen zelfstandige

Om als zelfstandige met pensioen te kunnen gaan vóór je wettelijke pensioenleeftijd, dien je te beschikken over voldoende gewerkte jaren (loopbaanjaren). Wil je vanaf 2019 met vervroegd pensioen gaan, dan kan dit:

  • op de leeftijd van 60 jaar als je 44 loopbaanjaren kan aantonen;
  • op de leeftijd van 61 jaar als je 43 loopbaanjaren kan aantonen;
  • op de leeftijd van 63 jaar als je 42 loopbaanjaren kan aantonen.

Jaren waarin je werkte als werknemer (loontrekkende), ambtenaar of prestaties leverde in het buitenland komen onder bepaalde voorwaarden ook in aanmerking voor deze berekening. Gelijkgestelde studiejaren tellen niet mee als loopbaanjaren en hebben enkel een impact op de hoogte van je pensioenbedrag.

Op de regels omtrent vervroegd pensioen voor zelfstandigen gelden twee uitzonderingen:

  • Wie vóór 1 januari 1956 geboren werd, kan op vervroegd pensioen op voorwaarde dat hij of zij:
    • op 31 december 2012 al 32 loopbaanjaren kon aantonen;
    • 62 jaar is;
    • en bij de aanvang van het vervroegd pensioen 37 loopbaanjaren kan bewijzen.
  • Wie in de loop van 1956 of 1957 geboren werd, kan op vervroegd pensioen op voorwaarde dat hij of zij:
    • 62 jaar is en 42 loopbaanjaren kan bewijzen;
    • of 63 jaar is en 41 loopbaanjaren kan bewijzen.

Wat met de studiejaren?

Betaal je een regularisatiebijdrage, dan kan je je studieperiode laten meetellen voor je pensioen. Je (gelijkgestelde) studieperiode levert dan een extra pensioenbedrag op. Maar de gelijkstelde studiejaren tellen niet mee voor het vervroegd pensioen.

Net zoals werknemers en ambtenaren kunnen ook zelfstandigen een beroep doen op dit systeem. Je statuut op het moment van je aanvraag bepaalt via welke instantie je deze regularisatie precies kan bekomen.

Startte je je loopbaan bijvoorbeeld in loondienst, maar ben je op het moment van je aanvraag zelfstandige? Dan vraag je de regularisatie aan bij je sociaal verzekeringsfonds. Val je op het moment van je aanvraag onder geen enkel statuut, dan doe je die aanvraag in het pensioenstelsel van je laatste professionele activiteit.

Hoe bereken je nu jouw pensioen?

De hoogte van je pensioenuitkering hangt af van je loopbaan. Een volledige loopbaan telt 14.040 voltijds gewerkte dagen (45 jaar). Voor je loopbaanjaren voorafgaand aan 1984 hanteert men een fictief inkomen, na 1984 je werkelijke (geplafonneerde) inkomsten. Is je totale pensioenbedrag kleiner dan het minimumpensioen, dan wordt je pensioen aangepast op voorwaarde dat je minstens twee derde van een volledige loopbaan hebt en dit kunt bewijzen.

Kortweg: heb je minstens 30 jaar gewerkt als werknemer en/of zelfstandige dan is je pensioen minstens de toepassing van het minimumpensioen in functie van de effectief gewerkte jaren.

Met het Sociaal Vrij Aanvullend Pensioen via Liantis spaar je voor later, maar pluk je nu al de vruchten.

Ontdek er alles over