My Liantis

Personeelsbeleid 12 mei 2022

Voortaan een extra voorwaarde voor flexi-jobs

Een flexi-job geeft werknemers de kans om op een voordelige manier bij te klussen naast hun hoofdbaan. Er hangen wel strikte voorwaarden aan vast. Bovendien werd er onlangs een nieuwe voorwaarde toegevoegd. Zo is het niet langer mogelijk om als uitzendkracht een flexi-job  uit te oefenen bij een werkgever waar je al tewerkgesteld bent.

Wie mag een flexi-job doen?

Om als flexi-jobber te kunnen werken moet een werknemer in het derde kwartaal voorafgaand aan het kwartaal waarin hij de flexi-job wil uitoefenen (kwartaal T-3) minstens 80% gepresteerd hebben bij één of meerdere andere werkgevers. Werknemers die gepensioneerd zijn in het tweede kwartaal voorafgaand aan het kwartaal van de flexi-job (kwartaal T-2) moeten de voorwaarden van kwartaal T-3 niet vervullen.

Maar ook in het kwartaal van de flexi-job (kwartaal T) moet de werknemer deze voorwaarden vervullen:

  • hij mag niet bij dezelfde werkgever tewerkgesteld zijn met een andere arbeidsovereenkomst van minstens 80%,
  • hij mag niet in een periode gedekt door een verbrekingsvergoeding of een ontslagcompensatievergoeding ten laste van de flexi-job -werkgever zitten
  • en hij mag geen opzegtermijn presteren bij de werkgever waar hij flexi-job uitoefent.

Nieuwe voorwaarde

De  wet van 1 april 2022 voegt nu een extra voorwaarde toe: in het kwartaal van de flexi-job (kwartaal T) mag de werknemer niet tewerkgesteld zijn met een arbeidsovereenkomst bij de gebruiker aan wie hij door een uitzendkantoor ter beschikking wordt gesteld om een flexi-job uit te oefenen.

Hoewel het uitzendkantoor en de gebruiker dus twee verschillende juridische werkgevers zijn, is het niet langer mogelijk om als uitzendkracht een flexi-job uit te oefenen bij een werkgever waar je al tewerkgesteld bent. Uiteraard blijft het wel mogelijk om als uitzendkracht flexi-jobs te doen bij andere werkgevers.

Enkel mogelijk in bepaalde sectoren

Een flexi-job is enkel mogelijk in een beperkt aantal sectoren. Oorspronkelijk was dit enkel in de horecasector (PC 302) voorzien, maar sinds 2018 kunnen ook werkgevers uit de volgende sectoren flexi-jobs tewerkstellen:

  • PSC 118.03 voor de bakkerijen, banketbakkerijen die verse producten voor onmiddellijke consumptie vervaardigen en verbruikzalen bij een banketbakkerij,
  • PC 119 voor de handel in voedingswaren,
  • PC 201 voor de zelfstandige kleinhandel,
  • PC 202 voor de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren,
  • PSC 202.01 voor de middelgrote levensmiddelenbedrijven,
  • PC 311 voor de grote kleinhandelszaken,
  • PC 311 voor de grote kleinhandelszaken,
  • PC 312 voor de warenhuizen,
  • PC 314 voor het kappersbedrijf en de schoonheidszorgen.

Hetzelfde geldt voor de uitzendkrachten (PC 322) als de gebruiker onder één van bovenstaande paritaire comités valt.