My Liantis

Verloning personeel 20 mei 2019

Hogere tussenkomst voor werkgever in kosten openbaar vervoer

Verplaatst je medewerker zich van en naar het werk met het openbaar vervoer, dan ben je als werkgever onder bepaalde voorwaarden verplicht om een deel van de kosten hiervoor voor je rekening te nemen. Vanaf 1 juli 2019 bedraagt dit aandeel 70% van de totale kostprijs.

Interprofessioneel akkoord

Een van de aangekondigde maatregelen in het interprofessioneel akkoord 2019-2020 was een verhoging van de werkgeverstussenkomst in openbaar vervoer. Een nieuwe NAR-cao (19/9) zet die intentie nu om in een concrete maatregel.

Tussenkomst openbaar vervoer: voor welke werknemers?

De verhoging geldt enkel voor de werknemers die voor woon-werkverplaatsingen gebruik maken van trein, tram, bus of metro. Voor werknemers die zich met eigen middelen verplaatsen, blijft de werkgeverstussenkomst gelijk. Ben je als werkgever actief in een sector die voor het privévervoer verwijst naar de huidige tabel van de NAR-cao nr. 19/8, dan kan je deze verder blijven toepassen.

De verhoging zal enkel voelbaar zijn in sectoren die zich voor de verplaatsingen met het openbaar vervoer baseren op de tabel in NAR-cao nr. 19/8 of in een gelijkaardige tussenkomst voorzien. Sommige paritaire comités voorzien een hogere tussenkomst, of zelfs een volledige terugbetaling. Voor hen wijzigt er niets.

Aandeel werkgever in kosten openbaar vervoer

Momenteel betaal je als werkgever gemiddeld zo’n 64,7% van de kostprijs van het openbaar vervoer. Vanaf 1 juli 2019 wordt dit opgetrokken naar 70%.

Deze werkgeverstussenkomst is niet gekoppeld aan eventuele prijsstijgingen bij het openbaar vervoer en maakt telkens het voorwerp uit van nieuwe interprofessionele onderhandelingen.

Ter illustratie In 2009 werd de werkgeverstussenkomst in het openbaar vervoer al eens op 75% van de kostprijs gebracht. Doordat deze tussenkomst sindsdien niet meer was aangepast, terwijl de kostprijs van het openbaar wel bijna jaarlijks steeg, kwam de verplichte werkgeverstussenkomst ondertussen nog neer op zo‘n 64,7% van de kostprijs. 

Tweede versoepeling vanaf 1 juli 2020

Momenteel ben je als werkgever verplicht om tussen te komen in de kosten van alle treinvervoer. Voor bussen, trams of metro’s is dit enkel het geval wanneer de afstand, berekend vanaf de vertrekhalte, minstens 5 kilometer bedraagt.

Vanaf 1 juli 2020 valt deze voorwaarde weg. Dan zal je als werkgever ook moeten tussenkomen in de kosten van bus, tram of metro, ongeacht de afstand. Ook deze wijziging zal uiteraard geen rol spelen in sectoren die nu al een tussenkomst voorzien ongeacht de afgelegde afstand.